Uw verordeningen in het sociaal domein

Proeve van een integrale verordening

Het maken van een verordening vraagt om een duidelijke beleidsvisie. Hierdoor verkrijgen de artikelen in de verordening een context van waaruit de artikelen uitgelegd kunnen worden. De VNG heeft voor de Participatiewet, Wmo 2015 en Jeugdwet in 2019 hiervoor een fraaie en geslaagde geïntegreerde modelverordening sociaal domein ontwikkeld.

Het predicaat “fraai en geslaagd ” verdient deze verordening zeker omdat de VNG nadrukkelijk benoemt welke aspecten er geïntegreerd worden maar ook welke aspecten niet. Vandaar dat de VNG ook spreekt van een Proeve van een integrale verordening voor het sociaal domein.

Ten opzichte van de verordeningen die veel gemeenten nu gebruikt is er sprake van:

  • Concretere omschrijvingen van “open bepalingen”
  • Wijziging van te ruim geformuleerde bepalingen
  • Toetsbaar maken van de verschillende onderdelen van de verordening
  • Het op de juiste plaats vaststellen van regelgeving (raad vs. college)

Dat alles vooral gebaseerd op de ervaringen in de uitvoeringspraktijk en jurisprudentie!

Wij helpen u graag met het vertalen van dat omvangrijke pakket naar uw eigen praktijk. Wij doen dat in de cursusdag Maken van verordeningen, nadere regels en beleidsregels.

Waarom?

Het maken van een verordening vereist kennis van regelgevingstechniek. Een verordening is gemaakt om gedurende langere tijd gebruikt te worden. Het is (letterlijk) de wettelijke basis voor het geven van beschikkingen, en wordt door de bestuursrechter gebruikt om te toetsen of een bestreden beschikking wel of niet in stand kan blijven.

Verordeningen en/of nadere regels en/of beleidsregels blijken in de praktijk niet altijd “juridisch houdbaar”. Ook is niet altijd goede aandacht besteed aan de onderlinge afstemming. Er is vaak onduidelijkheid over de vraag wanneer de raad aan het college kan delegeren om bepaalde zaken te regelen. Dit kan de rechtmatigheid aantasten van beschikkingen. Bij inrichting van een verordening is het ook relevant of aan het college wel of geen beoordelingsruimte is gegeven bij het nemen van een besluit over rechten en plichten van een cliënt. Hiertoe hoort ook de vraag of en zo ja, hoe om te gaan met zgn. wetsinterpreterende beleidsregels.

Tot slot blijkt er grote belangstelling te zijn voor deregulering en meer uniformiteit in het uitvoeringsproces in het sociaal domein én het bijbehorende regelgevend kader. Belangrijke rechtsvragen hierbij zijn of dit past binnen de wettelijke kaders van de Participatiewet, Wmo 2015 en Jeugdwet en of er voldoende rechtsbescherming is voor de cliënt. Is een integrale verordening voor het sociaal domein mogelijk? Kan de omgekeerde toets een plek krijgen in de verordening? En hoe schrijven we het op zodat ook de burger het begrijpt.

Al deze ontwikkelingen op regelgevend niveau binnen het sociaal domein maken de vraag actueel wat er komt kijken bij de voorbereiding en ontwikkeling van de verschillende soorten gemeentelijke regelgeving. Om aan die kennisbehoefte voor het maken van verordeningen, nadere regels en beleidsregels tegemoet te komen, is deze cursus ontwikkeld.

We besteden aandacht aan:

  • De wettelijke grondslag van de diverse soorten gemeentelijke regelgeving
  • De meest recente ontwikkelingen ten aanzien van regelgeving in het sociaal domein
  • Procedurele juridisch-technische aspecten bij de inhoudelijke vormgeving van gemeentelijke regelgeving en de bekendmaking ervan.

Aanpak

Uw vragen en verordeningen, voorbeelden uit de praktijk, verwerking van de jurisprudentie en casuïstiek vormen de rode draad van deze cursusdag!

portret van Jeroen Busse

Voor info neem contact op met:

Jeroen Busse

directeur

06-11920119

portret van Nicolette Stavorinus

Voor info neem contact op met:

Nicolette Stavorinus

coördinator opleidingen

055-7998030

portret van Mariëlle Hoogland

Voor info neem contact op met:

Mariëlle Hoogland

Projectcoördinator

055-7998030

portret van Onderwijsteam

Voor info neem contact op met:

Onderwijsteam

Mariënburggroep

055-7998030